Meer van Genève: van Freddy Mercury tot Kuifje

Eerst kwamen de kunstenaars en vrijdenkers, vervolgens de diplomaten en andere expats. Zo werd het Meer van Genève niet alleen een van de mooiste, maar ook een van de meest kosmopolitische delen van Zwitserland. Van Lord Byron tot Hergé en van Charlie Chaplin tot Freddie Mercury: iedereen raakt hier geïnspireerd.

Meer van Genève-17
De Jet d’Eau is het symbool van de stad Genève

Al sinds halverwege de vorige eeuw ontvangt Hotel Cornavin in Genève jaarlijks uit uiteenlopende windstreken prentbriefkaarten die zijn  geadresseerd aan: Professor Zonnebloem, p/a Hotel Cornavin, Kamer 122, Genève.

Het vlak naast het treinstation gelegen hotel   speelt een bescheiden rol in het Kuifje-album De zaak Zonnebloem. De geleerde uit de titel logeert er als hij voor een congres in Genève moet zijn. Kuifje en kapitein Haddock ruiken echter onraad en reizen hem achterna. Hotel Cornavin is het enige werkelijk bestaande hotel dat in de Kuifje-albums voorkomt. De schepper van de boeken, Hergé, logeerde er in 1956 zelf. Voor mij is het hotel het startpunt  voor een verkenning van Genève en het meer dat naar de stad is vernoemd.

_MG_4656-bewerkt
In het park, vlakbij het meer

Calvijnbier

Het Meer van Genève moet het meest internationaal georiënteerde stukje Zwitserland zijn, met de stad zelf als het absolute puikje op dit gebied. Dat merk je aan alles: de gezichten op straat, de talen die je op de terrassen hoort spreken en natuurlijk de statistieken, die je vertellen dan 40 procent van de inwoners van de stad van buiten Zwitserland komt.

De VN en de WHO hebben hier hun hoofdkwartier, net als talloze multinationals en non-gouvernementele organisaties. Dagelijks forenzen 90 duizend in Frankrijk woonachtige Zwitsers naar Genève, waar ze de hoge huizenprijzen niet kunnen betalen. Ze worden vergezeld door 40 duizend Fransen, die eveneens een baan in de stad hebben. Indrukwekkende getallen, zeker als je beseft dat de stad zelf nog geen 200 duizend inwoners telt.

Meer van Genève-8
Hoofdkwartier Verenigde Naties

Na de Pont du Mont Blanc te zijn overgestoken, de brug waaraan de vlaggen van Zwitserland en Genève wapperen, en vanwaar je een mooi uitzicht hebt op de 140 meter hoog spuitende fontein Jet d’Eau, wandel ik de oude binnenstad in. Ik heb geluk: dit weekend viert de stad het Fête de la Musique. Dat betekent niet alleen dat zowel amateurs en professionals op elke straathoek en in elk park staan de strijken, tokkelen, blazen en pingelen dat het een aard heeft, maar vooral ook dat er een aangename dynamiek in de stad rondzingt.

Meer van Genève-10
Fête de la Musique

Bestaat er zoiets als ingetogen uitbundigheid? Zo ja, dan is dat de manier waarop de inwoners van Genève feest vieren. Ze hebben de grootste lol, maar het blijft keurig. Dit is ten slotte de stad die door Johannes Calvijn tot het ‘Rome van de Reformatie’ werd omgedoopt. Maar van een geintje houden ze wel. Het lokale bier heet Calvinus. De oude godsdiensthervormer, die een slokje wijn tijdens de eredienst al werelds genoeg vond, zou zich omdraaien in zijn graf. Waar zich dat bevindt is trouwens onbekend. Calvijn kreeg op zijn verzoek een eenvoudige begrafenis en geen grafsteen. Het zogenaamde Calvijn-graf op het Plain-Palais-kerkhof in Genève is, pardonnez le mot, je reinste nep.

Meer van Genève-15
Op het Fête de la Musique moet ook gegeten worden

Onderdeurtje Zonnebloem

In Nyon, twintig minuten treinen verderop aan het meer, word ik opgewacht door Heidi: charmante blonde glimlach en een rode Kuifje-tas onder de arm. ‘Met 19.000 inwoners is Nyon maar een bescheiden plaatsje, maar er worden hier wel 120 talen gesproken’, vertelt ze. ‘Heeft alles te maken met het feit dat we vlak bij Genève liggen.’

Meer van Genève-22 P

Het stadje gaat terug tot Romeinse tijden, heeft een aardig historisch en een Romeins museum en hier en daar staan nog fraaie klassieke zuilen te gloriëren. Maar belangrijker is natuurlijk dat Nyon een rol speelt in De zaak Zonnebloem.

Dus voert Heidi me mee naar het huis van Zonnebloems collega professor Topolino, dat in het boek wordt opgeblazen, maar in het echt gelukkig onaangetast is gebleven. We wandelen langs andere plekken die Hergé nauwkeurig kopieerde: tot de zitbankjes langs de boulevard aan toe.

‘Hergé hield van deze omgeving en wij van hem’, glimlacht Heidi. ‘Mensen komen van de andere kant van de wereld om hier een Kuifje-wandeling te maken. Als er jongere kinderen bij zijn, regelen we acteurs die als Kuifje en Kapitein Haddock zijn verkleed. Wist je trouwens dat professor Zonnebloem is gebaseerd op de beroemde natuurwetenschapper Auguste Piccard? Ze lijken sprekend op elkaar. Alleen was Piccard een heel lange man. Zo lang dat hij niet in de plaatjes van Hergé zou hebben gepast. Daarom heeft hij van Zonnebloem maar een onderdeurtje gemaakt.’

Meer van Genève-23
Gids Heidi toont Kuifje-locaties

Recht tegenover Nyon, op een twintig minuten varen naar de Franse kant van het meer, ligt Yvoire, trots lid van de Association des Plus Belles Vilages de la France. Het dorp telt 900 inwoners, maar krijgt jaarlijks een miljoen bezoekers. Meteen als je de boot afstapt begrijp je waarom. Yvoire is een compact middeleeuws pareltje, vol knusse, op- en neerwaarts kronkelende straatjes, karakteristieke huisjes en overal bloemen, met aan de rand van het dorp een heus kasteel.

Meer van Genève-29
De zomerresidentie van het geslacht Bouvier d’Yvoire

Daar woont, al eeuwen lang, het adellijke geslacht Bouvier d’Yvoire. Vooral in de zomer schijnt het er een drukke boel te zijn, als de hele familie naar het kasteel komt, naar verluidt vele tientallen mensen. Het kasteel is dan ook niet te bezichtigen, al kun je het via een tochtje met de fluisterboot wel heel mooi van de buitenkant bewonderen.

Wat vroeger het labyrint van het kasteel was – een beetje middeleeuws slot had natuurlijk zo’n verdwaaltuin – is nu de Tuin van de Vijf Zintuigen. Rondleidster Manuela vat het met een schalkse glimlach samen: ‘Hier vind je planten met de geur of smaak van chocolade, kauwgom, radijs, citroen, wortel, geroosterd bruinbrood, natte hond, Chanel no 5 en fruitig droge Chignin-bergeron 2007 met een complexe structuur en een afdronk waar geen einde aan komt.’

Meer van Genève-34
Zondagmiddag in Yvoire

Het goud van Ard

‘C’EST LE GUET! IL A SONNÉ DIX, IL A SONNÉ DIX!’

Zit je op een avond lekker een biertje te drinken op een terras aan de voet van de kathedraal van Lausanne, begint ineens een of andere kerel hoog van de toren te blazen. Toch even schrikken. De locals kijken me geamuseerd aan. ‘Dat is Renato Häusler, onze nachtwacht’, grinnikt iemand. Renato blijkt een uit 1405 stammende traditie in stand te houden. Elke dag, van tien uur ’s avonds tot twee uur ’s nachts, kondigt hij vanaf de toren van de kathedraal het uur aan. Tot viermaal toe, in elke windrichting. In de tijd van vóór het Zwitserse horloge – die schijnt ooit te hebben bestaan – was dat wel handig. Dan wist je: de kinderen van de overburen gaan weer véél te laat naar bed. Of: verdorie, lig ik alweer zó lang wakker? Bovendien hield de nachtwacht in de gaten of er ergens onraad was. Renato is trouwens ook nog de Philip Bloemendal van Lausanne. Zoals Polygoon-coryfee Bloemendal twintig jaar lang op een bandje de haltes van de Amsterdamse metro aankondigde, doet Renato dat in Lausanne, de enige Zwitserse stad met een metro. (Er staat op YouTube een aardig filmpje waarin Renato over zijn vak vertelt.)

Meer van Genève-39
Lausanne

Ik raak in gesprek met een oudere man die me vertelt dat het Meer van Genève een toeristische bestemming werd dankzij de Geneefse schrijver Jean-Jacques Rousseau, die zo’n fraai beeld van de streek schetste in zijn roman Julie ou La Nouvelle Héloise. ‘Begin twintigste eeuw werd Lausanne daardoor een halte van de Oriënt Express. Zo werden we een van de beroemdste reisbestemmingen van Europa.’

Naadloos gaat hij vervolgens over in een betoog over het verschil tussen Franstalig en Duitstalig Zwitserland. ‘Franstalig Zwitserland is een beetje relaxter. De Duitstaligen zijn streng in de leer, echte Pietjes Precies. Als je daar je oude kranten niet netjes in een rechte, met touw bijeengebonden stapel aanbiedt, neemt de ophaaldienst ze niet eens mee. En het zijn bierdrinkers hè. Net als jij, zie ik.’ Hoofdschuddend neemt hij een laatste slok van zijn chasselas en vertrekt.

Meer van Genève-49
Lausanne

Nadat ik mij nog eens heb laten inschenken, laat ik de dag de revue passeren. En dan komen je gedachten onvermijdelijk op Ard Schenk. Schenk verkocht ooit alle drie de gouden medailles die hij op de Olympische Winterspelen in Sapporo van 1972 bij elkaar schaatste, om van de opbrengst een reis door Amerika te kunnen maken. Hij is vast een gretig lezer van dit blad. Maar op momenten van spijt en heimwee kan hij hier in Lausanne een blik komen werpen op het edelmetaal waar hij eens zo trots op was.

Meer van Genève-43
Olympisch Museum

Alle medailles die sinds de eerste moderne Olympische Spelen (Athene 1896) werden geslagen, zijn hier in Lausanne te bewonderen. De stad is immers de zetel van het Internationaal Olympisch Comité. Dus is er ook een Olympisch Museum. Naast een complete verzameling medailles en Olympische toortsen vind je er een grote collectie sportparafernalia:  van het turnpakje van de Roemeense Nadia Comaneci – die als eerste Olympische turnster een 10 kreeg voor haar perfecte oefening – tot de hardloopschoenen van de legendarische Jesse Owen. Ook worden de Spelen er erg mooi in een maatschappelijk en historisch kader geplaatst.

Zeg Ard, wist je dat ze in 1896 nog helemaal geen gouden medailles uitreikten? Alleen een zilveren voor de winnaar en een bronzen voor nummer twee. Zilver had je misschien niet naar Amerika gebracht, maar hier aan het Meer van Genève is het ook heel mooi hoor.

Meer van Genève-57
Visser in Lausanne

Korte broek en vlindernet

In Montreux hebben ze reuze medelijden met de zielige Fransen aan de zuidkust van het Meer van Genève. ‘Arme drommels! In de winter leven ze daar voortdurend in de schaduw van de bergen. Koud! Donker! Somber!’ Van die somberheid is echter niets te merken, als ik met de boot van Lausanne naar Thonon-les-Bains vaar en een dag in het spa-stadje doorbeng. Maar eerlijk is eerlijk: het is nu dan ook geen winter.

Meer van Genève-63
Stefanie op haar e-bike

Overigens is Stefanie, met wie ik er een fietstocht maak, juist heel enthousiast over de winter. ‘Soms zijn de oever en de boulevard dan helemaal bedekt met ijs. De weerspiegeling van de zonsondergang daarop is werkelijk sprookjesachtig!’ En inderdaad: zelfs de zomerse zonsondergang die ik bij de avondmaaltijd aan het meer zie, is indrukwekkend.

Maar in Montreux halen ze daar dus glimlachend hun schouders over op. Want tja, daar zitten ze aan de Zwitserse Rivièra, gezegend met een hemels microklimaat waardoor het er altijd net wat warmer en zonniger is dan elders aan het meer.

Meer van Genève-82
Uitzicht op het meer vanaf het Suisse-Majestic Hotel

Montreux is de stad van the rich and famous. Schrijver Vladimir Nabokov woonde er zestien jaar, op de zesde verdieping van het Montreux Palace Hotel, en ging dagelijks in zijn korte broek de bergen in, gewapend met een vlindernet. Vlinders vangen was, naast schrijven en schaken, zijn grote passie.

Montreux is natuurlijk ook de stad van het beroemde jazzfestival en van Smoke on the Water. U kent het verhaal: het casino dat in december 1971 afbrandde tijdens een Frank Zappa-concert, met dank aan ‘some stupid with a flare gun’. Deep Purple, toevallig in de stad om een album op te nemen, maakte er een van hun beroemdste songs over.

Meer van Genève-81
De boot naar Montreux

En last but not least: Montreux is de stad van Freddie Mercury. In 1978 bezocht hij het jazzfestival en nam met Queen het album Jazz op in de plaatselijke Mountain Studios. Toeristische websites vertellen je dat Freddie onmiddellijk verliefd werd op de stad, maar dat is niet zo. Freddie vond Montreux aanvankelijk een stomvervelend gat. De twee gay bars bleken te worden bevolkt door gepensioneerde Zwitserse komieken en in de enige dark room van de stad werd de sfeer volkomen verpest door het keiharde tl-licht. Maar gaandeweg begon het de Queen-voorman te bevallen dat hij hier normaal over straat kon: de Zwitsers herkenden hem niet, of waren te bescheiden om hem aan te spreken. Dus schafte hij een appartement aan met uitzicht op het meer, kocht in één moeite door de Mountain Studios en nam daar voortaan alle Queen-albums op.

Anyway the wind blows

Omdat Freddie Mercury een van mijn helden is, bewaar ik hem voor het laatst. Eerst ga ik naar het kasteel dat beroemd is geworden dankzij de ‘gevaarlijke gek’ Lord Byron: de 19de-eeuwse Romantische dichter die grossierde in schandalen en dermate groots en meeslepend leefde dat hij maar 36 werd. Byron was naar het Meer van Genève gereisd, geïnspireerd door Rousseau. Na een dagje zeilen in  gezelschap van collega-dichter Percy Shelley, kwam hij aan bij het middeleeuwse Chateau de Chillon en hoorde daar het verhaal over de monnik en patriot François Bonivard, die er opgesloten had gezeten. Byrons gedicht The Prisoner of Chillon maakte zowel Bonivard als het kasteel beroemd.

Meer van Genève-89
Chateau de Chillon

Wie het kasteel wil bezoeken, doet er slim aan op de heenweg trolleybus te nemen (lijn 201) en terug te wandelen. Schitterende route langs het meer! Na ongeveer een uur kom je dan vanzelf langs het herbouwde casino, waar ook de Mountain Studios gevestigd waren. Sinds december 2013 is de studioruimte omgebouwd tot de Queen Studio Experience: een klein  museum waarin de groep, en met name natuurlijk hun zanger, wordt geëerd. Achter glas bevinden zich hier hun instrumenten, diverse outfits van met name Freddie Mercury en Brian May, en alle mogelijke Queen-hebbedingetjes.

Hoogtepunt is echter de controleruimte van de studio, waar een replica van de originele geluidstafel is gebouwd. Hier kunnen bezoekers zelf een aantal Queen-songs remixen.

Meer van Genève-131
Nee, ik kon het niet laten…

Ik bezoek het gratis museumpje tweemaal en allebei de keren ben ik de enige bezoeker. En dat terwijl de muren buiten vol staan met adorerende Freddie-graffiti. Misschien weten nog maar weinig mensen dat de studio tegenwoordig toegankelijk is voor publiek.

Meer van Genève-104

Verderop, bij het standbeeld van de zanger die uitkijkt over het Meer van Genève, is het wél een drukte van belang. Elke zonsondergang gaat hier gepaard met talloze selfies van Freddie en zijn fans. En altijd zijn daar een paar Nederlanders bij. Terecht. Ten slotte is de viering van Oud & Nieuw in ons land al jaren ondenkbaar zonder Freddie Mercury.

Meer van Genève-108
Freddie & fans

De fans laten hun camera’s en mobieltjes klikken en roepen ‘Galileo Figaro – Magnifico!’ bij het zien van het resultaat. De zon verdwijnt achter de bergen. De wind streelt de boulevard. Anyway. De gongslag verzin ik er zelf bij.

 

 

Meer van Genève-75

Meer van Genève-71
Tweemaal de Zwitserse Rivièra

Wijn en Werelderfgoed

De Zwitserse Rivièra is zeer geschikt voor wijnbouw. Druiven genieten hier 1800 zonne-uren per jaar. Bovendien wordt het zonlicht door het meer weerkaatst, terwijl de muurtjes van de wijnterrassen de warmte vasthouden: les trois soleils noemen de locals het. De 800 hectare grote wijnterrassen zijn door Unesco tot Werelderfgoed uitgeroepen.

Meer van Genève-123
Pierre Monachon

Ik maakte een wandeling van Cully naar St Saphorin en ontmoette onderweg Pierre Monachon, zevende generatie vigneron, die me de schade van een recente hagelbui liet zien. ‘Maar het grootste deel van de oogst is gelukkig niet aangetast.’ Hij raadde me een bezoekje een het Lauvaux Vinorama in Rivaz aan, waar een heel aanstekelijk filmpje over het jaar van een wijnboer wordt getoond. Het bleek een goeie tip. www.lavaux-vinorama.ch.

 

Meer van Genève-128

Bergmarmotten spotten

Natuurlijk wil je, als je in Zwitserland bent, ook de bergen in. Vanaf Montreux voert een 800 millimeter smalspoor tandradtreintje je in een uur tijd naar het 2000 meter hoog gelegen Les Rochers de Naye. Daar kun je genieten van een hapje of drankje in het restaurant, de botanische alpentuin La Rambertia bezoeken, desgewenst overnachten in een originele Mongoolse yurt en bergmarmotten spotten. In een onderzoekscentrum annex marmottentuin worden de diertjes in gevangenschap gehouden, maar overdags liggen ze meestal te slapen. Wie in een van de yurts overnacht en ’s morgens vroeg opstaat, heeft de meeste kans ze – in gevangenschap én in de vrije natuur – in het vizier te krijgen. www.goldenpass.ch/rochers_de_naye_marmottes_paradis

 

Meer van Genève-55

120 professionele vissers

Het Meer van Genève is het grootste zoetwatermeer van West-Europa. Het bevat telt zo’n dertig verschillende vissoorten, waaronder baars, snoek, houting, forel en zelfs rivierkreeftjes. Naar verluidt zijn er nog ongeveer 120 professionele vissers actief. Het beroemdste visgerecht aan het meer is filets de perche (baarsfilets). In de praktijk is de overgrote meerderheid van de baars die je op je bord krijgt echter niet afkomstig uit het meer, maar uit Oost-Europa.

 

Meer van Genève-115

Beroemdheden aan het meer

Het lijstje beroemdheden dat kortere of langere tijd aan het Meer van Genève woonde is eindeloos. Charlie Chaplin woonde 24 jaar in Vevey, vlakbij Montreux, wordt er nu geëerd met een beeld en enkele enorme schilderingen op flatgebouwen, en in de toekomst ook met een museum. Enkele andere namen: Gustave Courbet, Yul Brynner, Audrey Hepburn, David Niven, Coco Chanel, Paul Kruger, Pierre de Coubertin, Maurice Béjart, Tsjaikovsky, Strawinsky, Voltaire, Goethe, Dickens, Victor Hugo, Tolstoi, Simenon…

 

Meer van Genève-111
Het meer bij Vevey: de vork kondigt het Voedselmuseum aan
Meer van Genève-94
Het is aangenaam fietsen rond met Meer van Genève

Tour du Léman

Er zijn talloze manieren om het Meer van Genève (Lac Léman) en omgeving te verkennen: wandelend, per boot, trein, bus, zelfs per metro (in Lausanne). Sinds maart 2015 bestaat er bovendien een regionale fietsroute rond het meer: de bewegwijzerde Tour du Léman (routenummer 46, www.veloland.ch). Om een beetje Tour du Léman-sfeer te proeven fietste ik in gezelschap van Stefanie langs de Franse oever, tussen Thonon-les-Bains en Yvoire. Mooie uitzichten op het meer, onderbroken door een stijlvolle lunch in Chateau de Ripaille, met kip in pistou (een sausje van olijfolie, knoflook, basilicum en pijnboompitten) als hoofdgerecht. Omdat de chef erop staat dat zijn gasten rood, wit én rosé bij de maaltijd proeven, had Stefanie wijselijk e-bikes geregeld. www.ripaille.fr.

 

 

Reisblog van Hans Bouman